Helena Jansz in gesprek met fotograaf Cees Roelofs

“Als je alles onder controle hebt ga je te langzaam”

 

 

Zijn eerste kennismaking met de fotografie was via een vriend die een Rolleicord had. Dat wilde Cees ook en hij begon in de buurt met het fotograferen van mooie meiden. Mensen zagen zijn foto’s en vroegen of hij hen ook wilde fotograferen. Jazeker, zei Cees, pakte hun bank op, zette hem in het weiland, schemerlamp er naast en de familie nam plaats. Nu is hij een gewild fotograaf en opereert vanuit een omgetoverd schooltje in Hilvarenbeek dat tevens expositieruimte is. De muren zijn leeg, vanaf de rail aan het plafond hangen nylon draden. Normaal hangt het vol, maar het werk is naar het Arsenaal in Naarden en naar een restaurant in de buurt. Gisteravond heeft hij een nog lezing gegeven. Ik drink staand mijn koffie terwijl Cees een haspel oprolt en vertelt. Hij noemt zichzelf import uit Tilburg en zijn carrière begon bij fotograaf Noud Aartsen in Best. Aartsen had immigratieplannen en Cees, die jong was, wilde zijn ontslag niet afwachten. Met zijn spaargeld heeft hij de joker ingezet en een pand in Tilburg gehuurd. Hij moest spullen hebben en verliefd op alle prachtige fotoapparatuur verkocht hij zijn andere passie: een Jaguar E type.  

 

“Ik ben gewoon begonnen”

 

Hoe?

Zelfvertrouwen en alles aannemen. Ik ging met een presentatiemap naar reclamebureaus, zo van, nou hier ben ik en daar woon ik. Toen de eerste opdrachten kwamen was ik druk bezig met het opknappen van de ruimte die ik gehuurd had en zei tegen mijn klanten dat de week al volgeboekt was. 

 

Autodidact?

Ja. Ik kan het vaak wel aanbevelen, want dan vorm je jezelf. Een opleiding duwt je in een bepaalde richting. Zelfvertrouwen is een heel groot ding. Ik ben begonnen met alles aan te nemen, daar heb ik heel veel van geleerd. Dus … ik maakte een portretje. Dat werd met een statische technische camera gemaakt en stond op een driepoot, een flink statief. De man die de foto kwam ophalen vroeg: “ben ik dat? Ik heb geen nek.” De man was klein en had niet veel nek, maar hij zag zichzelf in de spiegel iets gunstiger. Daar leer je van dat je een één been statief moet kopen dat omhoog en omlaag kan. Met bruidsreportages heb ik snelheid geleerd en situaties vóór te zijn. Vroeger gebeurde alles in de studio, we begonnen om negen uur, stopten om zes uur en wat niet af was deden we de volgende dag. We werkten met laboranten die de dia’s inhingen enz. Een fotoshoot werd in een studio gedaan. Op een gegeven moment had ik een klant als Curver en ik stelde voor om foto’s op locatie te maken, daar waar het product gebruikt werd. Een wijnrek fotografeerde ik niet meer op een verlopend achtergrondje, maar in een wijnkelder. Zo simpel. Een prullenbak in een keuken. Dat was een hele grote ommekeer en dat is de nieuwe lijn geworden. Ik gebruik ook vaak gewone mensen als model, omdat die herkenbaar voor de klant zijn en talent loopt gewoon op straat.

 

"Ik zoek een achtergrond en plaats daar een persoon in"

 

Choreograaf? 

We zetten iets in scene, ik heb een idee in mijn hoofd, maar ik sta tegelijkertijd open voor de situatie die er is. Doe je dat niet dan mis je kansen die zich spontaan voordoen. Neem de serie foto’s die ik in Cuba heb gemaakt … (Cees pakt het boek erbij. Op de foto die hij laat zien staat Josephine Alonso in haar kamer. Ze kijkt serieus en in de lens en in haar hand houdt zij een afstandsbediening. Een intrigerend beeld, maar wie maakt uiteindelijk de foto?)

Ik bepaal de beeldhoek, ik bepaal de belichting, ik bepaal waar het scherp moet zijn, ik zet de persoon op een bepaalde plaats neer en je ziet dat op “het moment suprême” zíj beslist. Je moet er even voor naar Cuba vliegen en dan hetzelfde doen als de verzekeringsman vroeger deed: aanbellen!

 

Ja?

Ja, je belt gewoon aan en zegt: Ik ben Cees Roelofs, ik kom uit Nederland, ik ben fotograaf en ik vind Cuba een prachtig land. Het zijn mooie mensen vind ik zelf en ze hebben niks, maar zeggen wel “kom binnen”. 

 

“Alles komt uiteindelijk in de prullenbak terecht”

 

We staan nog steeds. Cees ruimt hier en daar iets op wat van de avond tevoren is blijven liggen. Onderwijl vertelt hij dat hij na vijf jaar uit zijn ruimte in Tilburg groeide, veel opdrachten had en veel geld verdiende. In 1979 koopt hij het pand in Hilvarenbeek wat toen nog een bouwval was en raakt door de crisis zijn grootse klant kwijt. Hij blijft in de reclamewereld, maar onderhuids broeit het, want hij wil iets maken dat blijft. 

 

Wat?

Het werd een boek, een verhaal over een bloemist: Marcel Wolterinck. Ik heb er zeven jaar over gedaan, want ik miste de ervaring. Een boek is om in te bladeren en op een van je lievelingspagina’s open te leggen. Waar is het anders voor? Je kunt niet al die platen aan de muur hangen, al zou je het willen.

 

Na dit eerste boek volgden er meer o.a. met Jan des Bouvrie, Emile van Dijk, Axel Vervoordt, Walda Pairon e.a. 

 

Moment?

Ochtendlicht en avondlicht spreekt me het meeste aan. Maar als ik interieurs fotografeer moet ik praktisch denken. Ik hou rekening met waar de zon opkomt en waar hij onder gaat en waar hij tussen de middag staat. Ik werk altijd met een assistent, dus op alle buitenlandse reizen die we maken gaat er iemand mee. Ik probeer originele situaties te scheppen die een ander niet makkelijk kan nadoen. Mijn assistent vangt het licht van buiten op met een bounce scherm en gooit dat licht in het interieur. Ik neem een lange sluitertijd en ik laat dat licht dansen. Ik krijg dan geen scherpe schaduw van licht donker, maar een overvloeiende schaduw die vriendelijk is en zacht. Ik kies de plek waar hij moet komen en ineens komt er kleur en warmte in dat huis. 

 

Digitaal?

In 1993 was ik al bezig met digitale fotografie. We hadden een camera met drie belichtingen, rood, blauw, groen. Je hoefde niet meer te scannen en hij was ideaal voor productfotografie. Om dat ding terug te verdienen moest je alles aannemen, maar of ik er nou zo weg van ben? Ik heb eigenlijk vierkante ogen. De Hasselblad lenzen hebben een mooie natuurlijke scherpte, die zijn niet zo bijterig als die Japanse optieken. De Duitse lenzen zijn anders bedacht. Mijn 24-70 optiek moet door de computer gecorrigeerd worden, mijn Hasselblad foto’s hoeven nooit gecorrigeerd te worden. Die komen uit de tijd dat er nog geen computers waren, dus vertel me niet dat de lenzen vandaag de dag beter zijn. 

 

Eigen projecten? 

Ik heb een idee in mijn hoofd en dat idee moet er uit, dat móet gerealiseerd worden en ik ga bewust als een amateur te werk. Ik maak van een foto-opdracht een experiment. Dat is het grote voordeel van een amateur, die heeft geen prijsafspraken, die hoeft niets te verkopen. Ik investeer vanuit een opdracht waaraan ik wat geld heb overgehouden. Ik heb daar zelfvertrouwen in, ik exposeer het werk en mensen komen er op af. Ze kopen een foto of vinden er één mooi en vragen of ik iets dergelijks voor ze kan maken.

 

Camera?

Ik fotografeer met een Canon EOS 1 DS MARK III en een Canon EOS 1 DS Mark II. Met daarbij: 

Canon zoomlens 24 – 70 mm f 2,8 L; Canon zoomlens 70 – 200 mm f 2,8 L IS USM; Canon extender EF 2x II; Canon EF 14 mm f 2,8 L; Canon EF 85 mm f 1,2 L II USM; Canon EF 100 mm f 2,8 L IS USM; Canon TS – E 17 mm f 4 L; Canon TS – E 24 mm f 3,5 L; Canon TS – E 90 mm f 2,8; Speedlite 580 EX II 

Een flitsset voor op locatie en een fotostudio aan huis

 

"Het gaat er niet om wat je hebt maar wat je er mee doet"

 

Twee assistentes versterken het bedrijf. Ze helpen bij het organiseren van fotografiedagen, beeldbewerking, de administratie, het ontwerpen van brochures en boeken en het bedenken van concepten. “Eigenlijk is dit een ideeënhuis.” Voor assistente Aniek de Milliano die, op de kunstacademie in Tilburg, visuele communicatie heeft gestudeerd een leuke en brede job. Recent is het boek met de veelzeggende titel ‘Things, Places, People’ uitgekomen. Het is het initiatief van medewerkster Jeannette Grotenhuis. Voor Cees zelf hoefde dat helemaal niet, maar zij zei: “je maakt boeken over andere mensen, nu moet er een boek komen over jou!”. Het boek is erg mooi vormgegeven waarbij onderwerpen die geen relatie met elkaar hebben elkaar door kleur en sfeer versterken. Een rijke inzage in Roelofs eigen projecten en werk voor diverse opdrachtgevers. 

 

Plezier?

Er wordt hier niets gedaan zonder plezier. En als het niets is laat ik het schieten. 

 

Tip voor de lezer:

Ideeën moeten uit je hoofd. Maak een experiment van de foto’s die je wilt maken. Dan leer je heel veel! 

www.ceesroelofs.com